Halfjaarbericht 2018

Beleidsmatige voortgang

Een van de doelstellingen van de gemeente is om inwoners, met of zonder arbeidsbeperking, maatgerichte ondersteuning te bieden bij het vinden van een baan of vrijwilligerswerk. Op deze manier wordt voorkomen dat mensen geïsoleerd raken en kan maatschappelijke betrokkenheid verder worden versterkt. Het Werkgeversservicepunt en de Servicepunten Arbeid (SPA’s) vervullen hierbij een belangrijke functie. Door de inzet van verschillende instrumenten zoals STiP-banen, social return, de banenafspraak en beschut werk wil de gemeente, in goede samenwerking in de regio, vorm en inhoud geven aan gericht re-integratiebeleid.

Re-integratie- en participatievoorzieningen
Uitstroom eerste helft 2018
In het aanvalsplan ‘Den Haag maakt werk!’ staat als ambitie dat in 2018 4.250 mensen aan een baan worden geholpen of teruggaan naar school. Er is extra aandacht voor jongeren, werkzoekende 50-plussers en werkzoekenden met een arbeidsbeperking (de doelgroepen van de banenafspraak en beschut werk). In de eerste helft van 2018 heeft de Haagse economie zich blijvend gunstig ontwikkeld. In lijn daarmee is het aantal mensen dat werk heeft gevonden in deze periode nog iets verder gestegen ten opzichte van de eerste helft 2017. In de periode tot en met mei 2018 zijn 2.103 mensen aan een baan geholpen of teruggegaan naar school. We merken dat de trajecten intensiever worden omdat in toenemende mate mensen met een grote afstand tot de arbeidsmarkt geactiveerd moeten worden.

Het wijkbanenplan
Voor jongeren hebben de SPA’s in belangrijke bijgedragen aan het resultaat. De cijfers laten zien dat in de eerste helft van 2018 er 503 jongeren vanuit de SPA’s begeleid zijn naar werk, een opleiding of een hulpverleningstraject. In deze getallen zijn ook de inspanning van het team voortijdig schoolverlater betrokken die deel uitmaken van de integrale dienstverlening in de SPA’s. De SPA’s opereren in Schilderswijk/Transvaal, Laak en Zuid-West. In de eerste helft van 2018 is gewerkt aan de borging van de werkmethodieken. Er is extra ingezet op het bereiken van vrouwen uit de drie werkgebieden onder andere door het organiseren van een specifieke banenmarkt. Dit moet ervoor zorgen dat het laagdrempeliger wordt voor deze doelgroep om gebruik te maken van de dienstverlening. Er wordt hierin samen opgetrokken met wijkpartners en informele organisaties.

Banenafspraak, STiP (extra impuls werkgelegenheid)
In 2016 heeft het college maatregelen aangekondigd om een extra impuls aan de werkgelegenheid te geven. Deze bestond onder andere uit het creëren van 1.000 STiP-banen. Eind 2017 waren vrijwel alle kandidaten en werkgevers in beeld. Begin 2018 zijn alle plaatsingen afgerond. De duizendste STiP-medewerker werd op 13 maart jongstleden geplaatst. Vervolgens vindt begeleiding en nazorg plaats om te zorgen dat de betrokken medewerker zich gedurende de looptijd van drie jaar voldoende kan ontwikkelen om daarna een vervolgplek op de arbeidsmarkt te kunnen vinden.

Een groot deel van de STiP-medewerkers telt ook mee in het kader van de banenafspraak. Exclusief de STiP-medewerkers zijn tot en met mei 2018, sinds de invoering van de participatiewet, zijn 411 mensen geplaatst in een banenafspraak, waarvan 37 in 2018. Voorbeelden van functies zijn grafisch vormgever, bouwtimmerman, productiemedewerker en reinigingsmedewerker.

Social return
Aan leveranciers van de gemeente vragen we om bij de uitvoering van een opdracht werkzoekende werklozen of stagiaires in te zetten In het eerste halfjaar van 2018 zijn op basis van deze afspraken 219 plaatsingen gerealiseerd (meetmoment: mei 2018). Daarmee staat het aantal plaatsingen als gevolg van de inzet op social return op 2.734 plaatsingen. Social return blijft dan ook een belangrijke bijdrage leveren aan de doelstelling om meer mensen aan het werk te krijgen.

Samenwerking in de regio
In Haaglanden zijn in het eerste kwartaal van dit jaar 172 plaatsingen banenafspraak gerealiseerd. Met die cijfers liggen we op schema om dit jaar de 700 tot 800 in de regio te realiseren. In april van dit jaar is een evaluatie afgerond van de regionaal gecoördineerde werkgeversbenadering. Op basis van de positieve resultaten die deze gecoördineerde aanpak heeft opgeleverd in de sectoren Bouw & Techniek en Transport, Logistiek & Groothandel, wordt deze benadering uitgerold naar andere sectoren. De sectorale werkgeversbenadering en de inzet van regionale projectleiders werpen, zowel op efficiency, als op effectiviteit van de plaatsingen hun vruchten af.

De regionale Toolbox, een ge-uniformeerde set met instrumenten die gemeenten en UWV kunnen inzetten, wordt tweemaal per jaar aangepast. Met de Toolbox worden werkgevers ondersteund bij het in dienst nemen van kandidaten. Deze Toolbox wordt zowel in de arbeidsmarktregio Haaglanden als in Zuid Holland Centraal gehanteerd. In deze regio vindt rond jongeren uit het Praktijkonderwijs en het Voortgezet Speciaal Onderwijs nauwe samenwerking met de scholen plaats.

Werkontwikkeltrajecten
In 2017 zijn werkontwikkeltrajecten voor jongeren gecreëerd bij diverse bedrijven en organisaties. Bij alle werkontwikkeltrajecten is sprake van een ‘echte’ werkomgeving waar jongeren aan de slag gaan. Uit de voorlopige resultaten van de evaluatie (zie RIS 299675) volgt dat het nog niet in alle gevallen lukt om rechtstreeks uitstroom te realiseren vanuit het werkontwikkeltraject, omdat er niet altijd een betaalde baan beschikbaar is bij dezelfde werkgever. Er wordt dan voor gekozen om de jongeren zich toch te laten ontwikkelen en de jongeren via het netwerk van de werkgever en WSP te bemiddelen naar betaald werk. In de begroting 2018 is aangegeven dat we 250 ontwikkeltrajecten willen opstarten. In de eerste helft 2018 zijn 83 jongeren ingestroomd op een werkontwikkeltraject, Daarnaast zitten er nog 21 jongeren in het traject die in 2017 ingestroomd zijn. In 2018 hebben 29 jongeren het traject afgerond. Uit de ervaringen met werkgevers blijkt dat werkgevers zich samen met gemeenten willen inzetten voor de ontwikkeling van werkzoekenden. De trajecten zo ingericht dat ook jongeren met multi problematiek deel kunnen nemen, zodat ook zij de mogelijkheid krijgen om zich in een echte werkomgeving te ontwikkelen richting een betaalde baan.

Wet sociale werkvoorziening
Sociale werkvoorziening
Via de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) is de gemeente Den Haag werkgever van mensen met een arbeidsbeperking. Door inwerkingtreding van de Participatiewet en natuurlijke uitstroom vermindert het aantal werknemers jaarlijks. Vanuit het Rijk wordt een uitstroom van 4,04% verwacht op het Wsw-bestand in Den Haag in 2018, waarmee het aantal Wsw’ers eind 2018 uitkomt op 1.624 standaard eenheden (SE). Tot op heden is het saldo op de uitstroom in 2018 van de Wsw 1,8%. Per 1 februari is de Tijdelijke Organisatie Gemeentelijk Werkbedrijf (TO GWB) gestart (RIS 297233 en RIS 297962).
Opdracht aan de gemeenten vanuit de Participatiewet blijft mensen met een grote afstand naar de arbeidsmarkt te ondersteunen bij het vinden van de plek die ze nodig hebben. Met de vorming van het gemeentelijke werkbedrijf (GWB) is eenduidige en centrale regie op beleid en uitvoering van de Participatiewet, inclusief de Wsw, voorzien. In de eerste voortgangsrapportage (RIS 299800) zijn aanleiding, uitgangspunten en voortgang van de vorming van het GWB terug te vinden.

Beschut werk
Voor kandidaten met een lichamelijke, verstandelijke en/of psychische beperking, die dusdanige begeleiding of aanpassingen van de werkplek nodig hebben dat dit van een reguliere werkgever niet mag worden verwacht, bestaat de mogelijkheid tot beschut werken. Op 1 januari 2018 hadden 134 mensen een beschut dienstverband bij de gemeente Den Haag. In het eerste halfjaar zijn er 26 bijgekomen, waardoor op 1 juli 2018 in totaal van 160 beschutte medewerkers een ambtelijke aanstelling bij de gemeente Den Haag hebben. Wij verwachten eind 2018 200 beschutte werkplekken te realiseren en daarmee voldoet Den Haag ruimschoots aan de ministeriële regeling over het aantal beschutte werkplekken per gemeente (minimaal 136 werkplekken op basis van 28,8 uur per week voor eind 2018).

Investeren in mensen (participatie)
Binnen de groep bijstandsgerechtigden met grote afstand tot werk, de zogeheten participatiedoelgroep, is in het afgelopen half jaar extra aandacht besteed aan jongeren en mensen met een arbeidsbeperking. Tevens is het werk voor statushouders gecontinueerd met een apart team van consulenten. Bij de groep mensen met een arbeidsbeperking is onderzocht of zij met behulp van de inzet van instrumenten en voorzieningen van de Participatiewet, zoals loonkostensubsidie en/of jobcoaching, kunnen worden geplaatst op beschut werk, een STiP-baan of een vacature in het kader van de baanafspraak. Als een stap naar re-integratie nog niet haalbaar is, wordt gekeken naar (uitbreiding van) mogelijkheden van vrijwilligerswerk, of een andere zinvolle activiteit en dagbesteding. In het eerste halfjaar van 2018 zijn 917 mensen naar vrijwilligerswerk geleid. Er zijn in het kader van de tegenprestatie geen verplichte werkzaamheden opgelegd.

Pilot Inburgering – ‘Den Haag zijn we met z’n allen
De gemeente voert een pilot Inburgering: ‘Den Haag zijn we met z’n allen’ uit (RIS 297280). De pilot beoogt de maatschappelijke verankering van in totaal 1.000 (gevestigde) nieuwkomers. In het eerste kwartaal van 2018 zijn er 252 deelnemers in het programma ingestroomd. Dit is volgens planning. Het streven is dat in februari 2019 de 1.000 e deelnemer instroomt. Ten behoeve van de pilot is een pand (’t Haagse Huis) opgericht en zijn subsidierelaties aangegaan met partijen in de stad. Op het moment is door de pilot inburgering € 5,5 mln. aan deze verplichtingen uitgegeven. De overige € 1,7 mln. is gereserveerd voor de dienstverlening aan de nog te verwachte instroom(activiteiten).

Bijstandsverlening en inkomensvoorziening
Dienstverlening
De beweging die in gang is gezet om te werken vanuit de “bedoeling” gaat gestaag door en steeds meer medewerkers denken vanuit wat de burger nodig heeft bij onze dienstverlening. Ook leidinggevenden, die een spilfunctie hebben bij deze cultuurverandering, leren om leiderschap op een andere manier in te vullen. Om ruimte te vinden voor individueel maatwerk investeert de gemeente in digitale dienstverlening. In het eerste halfjaar van 2018 zijn daarin stappen gezet. Het digitale klantportaal (Edison) is dit jaar van start gegaan. Daarmee is de basis gelegd om de burger die bijstand aanvraagt nog beter te ondersteunen. In de pilot Hallo Werk is een platform beschikbaar waar werkzoekenden en werkgevers elkaar “ontmoeten”. De ambitie is dat het platform zich stap voor stap ontwikkelt tot een digitale omgeving waar burgers met de gemeente, met het middenveld en andere organisaties samenwerken. In de eerste vijf maanden van 2018 was er een lichte toename van het aantal klachten. Aan de andere kant zien we dat over de hele linie het aantal bezwaar- en beroepszaken en telefonische vragen afneemt. In de komende periode houden we dit nauwlettend in de gaten.

 De gemeente is ook gestart met het inrichten van continue klanttevredenheidsmetingen op dienstverleningsprocessen bij aanvraag en wijzigingen bijstand en re-integratie naar werk. We maken daarvoor gebruik van klantsignaalmanagement. Dit maakt niet alleen duidelijk hoe de dienstverlening gewaardeerd wordt, maar brengt ook in beeld wat de belangrijkste factoren zijn die klanttevredenheid stimuleren en versterken. Met de resultaten uit een meting wordt een verbetertraject ingezet, zodat de dienstverlening continu verbeterd wordt en tot de gewenste effecten leidt.

Veranderingen sociale zekerheid
Het Kabinet Rutte III heeft in zijn regeerakkoord “vertrouwen in de toekomst”, (d.d. oktober 2017) aangegeven op een aantal onderwerpen in gesprek met gemeenten te willen komen. In februari 2018 is in het overhedenoverleg tussen Rijk, gemeenten, provincies en waterschappen het Interbestuurlijk Programma (IBP) vastgesteld. In dit programma is de intentie uitgesproken om een extra inzet te doen voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, bijvoorbeeld door meer te investeren in een intensievere begeleiding en participatie. De afspraken van dit programma kunnen alleen gerealiseerd worden als het Rijk een adequate financiering van de bijstand garandeert, zoals ook recent onderzoek door de Raad van Openbaar Bestuur (ROB) uitwijst Op de algemene ledenvergadering van de VNG op 27 juni jl. zijn daartoe moties aangenomen over adequate financiering van de bijstand en opvolging van de adviezen van de ROB.

Ontwikkelingen bijstand
De ontwikkeling van de bijstand wordt positief beïnvloed door de conjuncturele economische ontwikkeling en de vraag op de arbeidsmarkt. Echter de daling is minder sterk dan op grond van de conjuncturele ontwikkeling verwacht kan worden; volgens het CPB komt dit door de instroom vanuit de voormalige Wajong‐doelgroep en het beroep dat asielzoekers doen op de bijstand. In de macro-economische verkenning van maart 2018 gaat het CPB uit van een landelijke daling van de bijstand in 2018 van 1,2%. In de prognose voor 2018 is uitgegaan van een daling van 4,2%. Concreet in cijfers zien we in het eerste halfjaar dat het aantal bijstandsuitkeringen van 26.488 gedaald is naar 26.091 (1,5%). Deze daling ontstaat doordat het aantal bijstandsaanvragen afneemt en de uitstroom toeneemt. De daling is echter niet gelijk verdeeld over alle leeftijdsgroepen; het aantal ouderen in de bijstand blijft toenemen.

Macrobudget en Verdeelmodel
In 2017 had circa 80% van de Nederlandse gemeenten een tekort op de bijstand; het totale tekort in 2017 van alle Nederlandse gemeenten bedroeg volgens Divosa circa € 346 mln. Ook voor 2018 wordt weer een landelijk tekort verwacht, omdat het Rijk het macrobudget te laag vaststelt. Mede door deze te lage vaststelling zal ook de gemeente Den Haag in 2018 een tekort op de bijstand hebben.

In april 2018 heeft het Rijk het nader voorlopige budget bekend gemaakt. Ten opzichte van het voorlopige budget dat het rijk in oktober 2017 bekend maakte, is het budget voor Den Haag weliswaar van € 316 mln. naar bijna € 323 mln. gestegen. Echter, op basis van de huidige verwachtingen ten aanzien van bijstandsdaling in 2018 en het budget zal de gemeente Den Haag nog steeds een beroep moeten doen op de vangnetuitkering van het Rijk. In januari is de raad akkoord gegaan met het raadsvoorstel ‘Vangnetaanvraag BUIG 2017’ (RIS 298882). In april 2018 heeft het college de aanvraag voor de vangnetuitkering over 2017 gedaan (RIS 299540). Het gaat om een vangnetuitkering van
circa € 11 mln.

Naast een te laag vastgesteld macrobudget wordt de gemeente Den Haag sinds 2015 geconfronteerd met de herverdeeleffecten van een nieuw verdeelmodel voor de bijstand. Dit model berekent de kans op bijstand op grond van een groot aantal factoren, echter de uitkomst van dit model wijkt met ruim 2.100 uitkeringen af van de realisatie. Daarnaast rekent het model met een lagere gemiddelde uitkeringsprijs dan dat zich in werkelijkheid voordoet. Door dit model hebben veelal grotere gemeenten een extra tekort op de bijstand. Er zijn in dit kader verschillende acties uitgezet: onderzoeken om het model te verbeteren en fouten uit het model te halen, onderzoeken om het effect van het verdeelmodel op de Haagse situatie beter te kunnen duiden en juridische procedures tegen de Staat der Nederlanden.

Op 1 juni jongstleden heeft het Rijk bekendgemaakt dat het macrobudget wordt verhoogd in verband met de financiering van uitkeringen aan statushouders. Deze aanpassing betekent voor Den Haag een incidentele verhoging van € 6,6 mln. in 2018. De impact van deze verhoging op de vangnetregeling en ook de consequenties voor 2019 en verder moet nog verder worden bekeken.

Handhaving: Fraude en maatregelen
Om de uitkering rechtmatig te (blijven) verstrekken moeten uitkeringsgerechtigden voldoen aan zowel de re-integratie verplichting als aan de inlichtingenverplichting. Als mensen niet voldoen aan de re-integratieverplichtingen dan kunnen zij een maatregel opgelegd krijgen; dit kan een waarschuwing zijn of een korting van 30 of 100%. Als mensen niet voldoen aan de inlichtingenverplichting dan wordt dit fraude genoemd; teveel betaalde uitkering, eventueel verhoogd met een boete, moet terugbetaald worden. Preventie is een belangrijk middel om naleving van de verplichtingen, zowel op het gebied van re-integratie als van de inlichtingenplicht te stimuleren. Daarnaast staat het opsporen van samenwoning, zwart werken en signalen vanuit burgers hoog op de agenda, alsook de samenwerking met partners als de politie, het Haags Economisch Interventie Team en de Haagse Pandbrigade. Dat de inspanningen effect hebben blijkt uit de resultaten. Tot 1 juni werden er 914 onderzoeken naar de schending van de inlichtingenplicht uitgevoerd. Dit leverde 116 fraudegevallen op en een vastgesteld fraudebedrag van € 2, 4 mln. Daarnaast werden er 730 maatregelen opgelegd waarmee een besparing optreedt van € 0,3mln.

Kwetsbare burgers
Door de positieve economische ontwikkeling zullen werklozen makkelijker aan het werk komen, maar zal het aandeel kwetsbare burgers in de bijstand relatief toenemen. Er is een aantal ontwikkelingen in gang gezet om de groep beter te kunnen begeleiden. Het begeleiden van kwetsbare burgers vereist specifieke professionele vaardigheden. Om deze vaardigheden te ontwikkelen zijn onder andere trainingen met ervaringsdeskundigen georganiseerd; Hagenaars die zelf met schulden of dakloosheid zijn geconfronteerd. Sociaal casemanagers en professionals vanuit verschillende disciplines, waaronder maatschappelijke ondersteuning, zorg en gezondheidszorg, werken samen om voor de problematiek van kwetsbare burgers passende en maatgerichte oplossingen te vinden.

Gemeentelijk minimabeleid
Optimale toegankelijkheid, gebruik en bekendheid van het armoedebeleid
De Ooievaarspas biedt mensen met een inkomen tot 130% van het sociaal minimum de mogelijkheid om mee te doen in de stad. De toegankelijkheid, het gebruik en de bekendheid van het armoedebeleid wordt vergroot doordat veel voorzieningen dezelfde inkomensgrens hebben als de Ooievaarspas en aan de pas gekoppeld zijn.

Kinderen, kindpakket
Kinderen mogen niet de dupe worden van de inkomenspositie van hun ouders. Daarom zet het college fors in op het bestrijden van de gevolgen van armoede bij kinderen zodat ze volop kunnen meedoen in de stad. Vanaf 2017 is het kindpakket uitgebreid. Denk aan extra onderwijsondersteuning (leerlingen in groep 4 en 5 kunnen thuis gebruik maken van Squla), een gratis ID-kaart als een kind 14 jaar wordt, en gratis OV voor jongeren tijdens de schoolvakanties en in de weekenden. Deze uitbreiding is in 2018 voortgezet. Het kindpakket wordt grotendeels verstrekt via de Stichting Leergeld. In samenspraak met de Stichting Leergeld is besloten het maximale bedrag op de kledingpas niet te verhogen.

Individuele bijzondere bijstand
De individuele bijzondere bijstand biedt een vangnet voor onvoorziene noodzakelijke en bijzondere kosten. Burgers die door de rechter een bewindvoerder toegewezen krijgen, omdat zij niet zelfstandig hun financiën kunnen beheren, kunnen voor de kosten van beschermingsbewind bijzondere bijstand aanvragen. Op basis van vaste rechtspraak moet de gemeente voor deze kosten bijzondere bijstand verstrekken. Het aantal mensen dat door de rechtbank onder bewind wordt gesteld en voor deze kosten bijzondere bijstand aanvraagt, is de afgelopen jaren fors gestegen. Vanaf 2017 is een aantal maatregelen genomen om de toename van de kosten voor beschermingsbewind te beperken. Deze maatregelen kunnen het totaal aan kosten beperkt beïnvloeden waardoor de uitgaven beschermingsbewind alsnog een negatief effect hebben op het budget in 2018.

Bij de individuele bijzondere bijstand voor woninginrichting (leenbijstand) zijn de normverstrekkingen geactualiseerd. De adviesbedragen zijn naar beneden bijgesteld. De burger krijgt hierdoor een lagere schuld. Op basis van maatwerk kan hiervan worden afgeweken. Statushouders maken ook gebruik van bijzondere bijstand. De tweede helft van 2018 wordt een kleinschalige pilot Maatwerkbudget uitgevoerd. Met een maatwerkbudget kan een gemeente regelluw en snel maatwerk leveren op het moment dat een probleem zich voordoet. De verantwoording gebeurt meestal niet met goedkeuring op vast beleid vooraf, maar achteraf op basis van casuïstiek. Een maatwerkbudget is niet bedoeld om de andere vormen van ondersteuning zoals de bijzondere bijstand te vervangen, maar als aanvulling (RIS 298637). Mocht de pilot succesvol zijn dan is het een mooie toevoeging aan het palet van gemeentelijke voorzieningen.

Collectieve zorgverzekering
Er zijn nu in het totaal 43.000 Haagse minima verzekerd bij VGZ en Menzis. De groei is mede het gevolg van het feit dat de verzekering beschikbaar is voor mensen met een inkomen tussen 130-150% van de bijstandsnorm. Vanwege verschillende tegemoetkomingen in de premie is het belangrijk om goed te onderzoeken of men nog de juiste premie betaald. Daarom vindt er dit jaar een 100% controle plaats zodat mensen niet teveel, maar ook niet te weinig tegemoetkoming ontvangen.

Schuldenbeleid
Ook in het eerste halfjaar van 2018 heeft de aanpak van armoede en schulden prioriteit gekregen. Met de Armoede en -Schuldenbrief 2018 (RIS 298637) zet de gemeente erop in dat iedereen moet kunnen meedoen in de stad, onafhankelijk van hun inkomen. Op deze manier wil de gemeente de sociale participatie in de stad verhogen en versterken.

Preventieve schuldhulpverlening
Preventieve schuldhulpverlening geeft burgers inzicht in hun financiën en rust in hun leefsituatie. Met het beleidsplan Schuldhulpverlening 2016-2019 is hierop ingezet. Verschillende initiatieven zijn in 2017 en ook in 2018 concreet geworden:

•   Het afgelopen halfjaar startten wij met het actief benaderen van Hagenaars die bij het CAK bekend zijn met zorgschulden. Wij kijken breder door hen ook aan te bieden waar nodig te helpen met het creëren van inzicht in het financieel huishoudboekje. Inmiddels zijn er ruim 580 Hagenaars uit de bronheffing geholpen.
•   De woningcorporaties Haag Wonen, Staedion en Vestia melden hun wanbetalende huurders steeds eerder aan bij de gemeente. Aanvankelijk deden zij dat wanneer sprake was een dreigende huisuitzetting. Inmiddels vormen de meldingen na 2 maanden huurachterstand (=preventief) zo’n 40% van het totaal aantal meldingen van de woningcorporaties (stand eind mei 2018: 672 meldingen).
•   De Helpdesk Geldzaken: Via budgetgesprekken met professionals worden inwoners geholpen meer bestedingsruimte te vinden. Tot en met mei 2018 zijn bijna 300 gesprekken gevoerd.

Curatieve schuldhulpverlening
Het afgelopen halfjaar deden wij ervaring op met de pilot Klantreis. Daarin staan de klant en zijn verhaal en perspectief centraal. Dat betekent meer maatwerk in plaats van uitgaan van het standaard dienstverleningsaanbod. Een belangrijk aspect is dat de klant één aanspreekpunt krijgt en niet keer op keer zijn verhaal opnieuw hoeft uit te leggen. Vanaf juni wordt deze werkwijze overgenomen en geïntroduceerd in de reguliere schuldhulpverlening. Om binnen de wettelijke termijnen voor de aanvragen voor schuldhulpverlening te blijven, zijn er ten slotte extra medewerkers ingezet.

Samenwerking met maatschappelijke partners
Het Schuldenlab070 is een onderzoeks-, leer- en ontwikkelomgeving waarmee wij samen met maatschappelijke partners de schuldenproblematiek in de stad aanpakken. De intensievere aanpak en de inzet van medewerkers op de verschillende projecten vragen additionele kosten die gedekt worden binnen het cluster 3b schuldhulpverlening.

•   De pilot Sociaal Hospitaal (SOHOS) werd ontwikkeld samen met zorgverzekeraar CZ. Deze aanpak geeft kwetsbare gezinnen eerst bestaanszekerheid door het oplossen van het meest dominante probleem (te laag inkomen, hoge schulden). Daardoor krijgen deze gezinnen de regie over hun leven terug bij het oplossen van problemen op andere leefgebieden. Inmiddels is een maatwerkplan opgesteld voor 30 gezinnen.
•   Het Jongeren Perspectief Fonds (JPF) biedt 1-op-1 begeleiding om jongeren zo hun problemen in verschillende leefgebieden aan te pakken en te stabiliseren. Inmiddels worden ruim 150 jongeren geholpen. Meer dan 30 verschillende gemeenten toonden interesse in de Haagse aanpak.

In de pilot Collectief Schuldregelen maken we van tevoren afspraken met veelvoorkomende schuldeisers. De afhandeling van individuele schulddossiers kan zo worden versneld. De eerste schuldeisers zijn gesproken en hebben ingestemd met deze vernieuwende aanpak.

Sociale kredietverlening en het pandhuis (GKB)
Sociale kredietverlening is een belangrijk instrument van preventieve schuldhulp. Allereerst door het herfinancieren van meerdere kleinere schulden, waarna de schuldenaar nog maar één schuldeiser (de gemeente) overhoudt. Maar ook door tijdens het adviesgesprek de hele schuldsituatie door te nemen en zo nodig door te verwijzen naar curatieve schuldhulp. Daarnaast wordt vanuit de schuldhulpverlening steeds meer aangestuurd op het verstrekken van een saneringskrediet, waarmee de schuldeisers in één keer worden afgekocht tegen finale kwijting. Het Pandhuis legt zich vanaf mei 2018 uitsluitend nog toe op het belenen van sieraden. Er zijn 115.000 verpandingen begroot, eind mei 2018 waren er bijna 44.000 gerealiseerd. Tijdens dat contact aan de balie kan financiële problematiek worden gesignaleerd. Daarom is de Helpdesk Geldzaken één dagdeel in de week gevestigd bij de GKB. Dit maakt doorgeleiding naar deze dienstverlening laagdrempelig.

Advies, Informatie en sociaaljuridische dienstverlening
Wanneer Haagse burgers juridische problemen en/of vragen hebben kunnen zij bij de sociaal raadslieden terecht voor hulp en ondersteuning. Met specialistische kennis bieden zij inwoners hulp bij vragen die voornamelijk betrekking hebben op wonen, financiën, werk, sociale zekerheid en zorg. Het aantal hulpvragen dat de sociaal raadslieden in de eerste helft 2018 afhandelden was conform gestelde planning (16.000).